direct to content

MaSS

stepping stones of maritime history

History

De paasvloot o.l.v. admiraal vertrok 30 mei 1605 uit Texel naar Indië. De vloot bestond uit de schepen Amsterdam, Eendracht, Erasmus, Witte Leeuw, Zwarte Leeuw, Mauritius, Middelburg, Nassau, Oranje, Geünieerde Provinciën, Grote Zon en Kleine Zon. ze kwamen 14 juli 1606 in Johore aan.

Matelief voer 12 juni met drie schepen, De Oranje, Mauritius en Erasmus “benevens een niet genoemd jacht” vanuit Ternate (toenmalige hoofdkwartier van de VOC in Indië) naar China. Groenveldt p. 23).

In China

Het eskader kwam eind juli 1607 aan bij de Si Kiang (Parelrivier). Ze vermeden het vijandelijke Portugees Macau en ankerde bij Lantau (nu Hong Kong). Hier bevond zich en Chinese grenspost. Matelief legde uit dat de Hollanders en Portugezen vijanden waren. De Hollanders wilden rechtstreeks met de Chinezen handel drijven. Een recommandatie brief, ondertekend door prins Maurits werd naar de autoriteiten in Kanton gestuurd. Het antwoord kwam nooit, althans niet op tijd. Op 9 september verschenen zes Portugese galjoenen. Matelief was er niet gerust op, ondanks verzekering van Chinese zijde dat de Portugezen niet zouden aanvallen. De Portugezen kwamen echter dichterbij en dreigde de Hollandse schepen af te sluiten van open zee. Matelief moest met zijn drie schepen zo snel mogelijk naar volle zee uitwijken. Dat viel nog niet mee omdat zijn schepen traag waren door aangroeiing en de lading aan boord.

Ongenoemd jacht
Het ongenoemde jacht was zo slecht bezeild dat het de twee andere schepen niet bij kon houden. Het werd lek gestoten zodat het de vijand niet in handen zou vallen. (Groeneveldt p. 34 ) De Portugezen achtervolgden de twee overgebleven schepen nog twee dagen alvorens om te keren.

Het lekke jacht dat werd achtergelaten is het niet genoemde jacht dat Groeneveldt eerder vermeld. In zijn interpretatie zou Matelief’ eskader bestaan uit drie schepen en een (niet bij naam genoemd) jacht. Matelief in latere brieven heeft het over drie schepen. waarvan er twee overblijven te weten de Oranje en de Erasmus.

Erasmus einde

De Erasmus werd op de terug reis van haar derde retourreis op 27 januari 1609 lekkend achter gelaten bij het eiland Mauritius. De lading en een deel van de bemanning werd aan wal gebracht .

Op 1 april 1608 wordt Dirck van der Eertbruggen door de Brede Raad benoemd tot oppperkoopman van de 'Erasmus'. De 'Erasmus' passeerde de Straat Soenda op 10 december 1608 op retour in gezelschap van de 'Bantam', de 'Gouda', de 'Ceylon' en de 'Ter Veer'. De 'Erasmus' moest op 27 januari 1609 de vloot wegens lekkage verlaten ter hoogte van Mauritius. Op Mauritius worden de nagelen aan de wal opgeslagen. Op 2 juli 1609 loopt de 'Gelderland' op de thuisreis Mauritius aan, neemt 48 man van de 'Erasmus' over, waarna van der Eertbruggen achterblijft met 25 man ter bewaking van de lading. Op 12 november vertrekt de 'Gelderland', maar pas op 3 augustus 1610 zien de achtergebleven mannen het jacht de 'Brack', dat onderweg naar Oost-Indië Mauritius aanloopt. In december 1610 ligt de 'Ceylon' op de Molukse reede, die met Dirck van der Eertbruggen en het volk van de 'Erasmus', de nagelen en een kleine hoeveelheid peper, op 28 juni 1611 in Texel binnen loopt. Vanaf Ambon hebben zij zodoende een thuisreis van drie jaar volbracht. Van de 48 man, die zich op de 'Gelderland' inscheepten, kwamen echter slechts elf levend in Nederland aan.

Description

MasterDirck van der Eertbruggen
People on board143
Tonnage540 ton (270 last)

References

  • Groeneveldt M.J. van, (1898).
    De Nederlanders in China.
    Martinus Nijhoff. ’s Gravenhage.
  • J.R. Bruijn, F.S. Gaastra, I. Schöffer, met medewerking van E.S. van Eyck van Heslinga.
    DAS 0105.2.

Down on 27 September

New in MaSS

Wrecks of Flevoland

Burgzand Noord

13 Provinces