History
Tijdens opgravingen op het geplande bedrijventerrein Vergulde Hand West is in 2006 een boomstamboot uit de vroege ijzertijd aangetroffen.
De boomstamboot is ruim 10 m lang, in het midden circa 0,85 m breed, maar sterk vervormd. De werkelijke breedte kon niet worden herleid. De op zijn kop liggende kano is door de bovenliggende grond platgedrukt en op verschillende plaatsen gescheurd, onder meer bij de voorpunt en aan de achterzijde.
Vierkante gaten
Vanwege de verwering aan de buitenkant, de sterke vervorming van de bodem en het ontbreken van breukvlakken in het midden is helaas onduidelijk gebleven of de kano aan de onderzijde rond liep of dat de kano een platte bodem heeft gehad. De reconstructietekening is dan ook niet gebaseerd op de werkelijke vorm, maar dient ter illustratie van hoe de kano mogelijk uit de boom is gehaald. (RAM 200 C. Vermeer, 404)
Datering
De boomstamboot leverde dateerbaar eikenhout op met een (post quem) datering van 683 ± 6 v.Chr. Een complicerende factor is het feit dat de boomstamkano niet in veen of klei uit de vroege ijzertijd bewaard is gebleven maar in oudere veenlagen. M.a.w. de boomstamkano is aangetroffen in veenbodems die ouder zijn dan de boomstamkano zelf. De kano is dus niet in zijn oorspronkelijke, maar in een secundaire context gevonden.
Onderspoeling
Dit komt doordat tussen circa 250-200 v.Chr., als gevolg van frequent terugkerende overstromingen, het veen is gaan drijven en uiteindelijk is losgescheurd van de ondergrond en in veel gevallen ook van de omgeving. Hierdoor kon het overstromingswater met alles wat het meevoerde onder deze lagen terechtkomen. Dit fenomeen, waardoor jonger materiaal als gevolg van overstroming en veenscheuring in oudere niveaus terechtkomt, wordt onderspoeling genoemd. Ook van de boomstamkano wordt verondersteld dat deze door onderspoeling in het veen uit de midden- en late bronstijd is geraakt. (RAM 200)
Description
Ribben
Aan de binnenkant van de kano zit op circa 2 m vanaf de voorzijde een opstaande rand of rib (afb. 16.11). Achterin zit, op circa 1 m van de achterzijde, nog een opstaand element dat lijkt op het restant van een rib (afb. 16.12). De functie van deze interne verdeling is onduidelijk. In de literatuur wordt dit soort verdelingen geïnterpreteerd als intern scheidingselement en eventueel, wanneer een dergelijke opstaande rand zich dicht bij de zitplek bevindt, zoals
hier aan de achterzijde het geval is, als voetensteun voor de peddelaar. Hun functie als versterkende elementen van de kano wordt door verschillende auteurs betwijfeld, maar dit zou verder moeten worden onderzocht (RAM 200 406)
References
- Y. Eijskoot, O. Brinkkemper en T. de Ridder (red.) (2011)
Vlaardingen. De Vergulde Hand-West
RAM 200