History
In de oever van de Waal bij Nijmegen zijn de resten van een houten rivierschip aangetroffen. Door uitzonderlijk lage waterstand werd het wrak,
'DRE-22' genoemd, zichtbaar en kon het in opdracht van Rijkswaterstaat archeologisch worden onderzocht.
Vrijwillige onderwaterarcheologen van Stichting Mergor in Mosam hebben het scheepshout ingemeten en beschreven zonder het wrak op te graven. Het blijkt te gaan om een platbodemachtig binnenvaartschip, waarschijnlijk een aak, dat vermoedelijk tussen de 17e en vroege 19e eeuw heeft gevaren. Een groot deel van de romp ligt nog beschermd onder de oeverafzettingen, waardoor verdere studie in de toekomst mogelijk blijft.
Description
De constructie bestaat uit een set van ongeveer zeven eikenhouten vlakplanken met variabele breedtes tussen 30- 50 cm. De dikte is 3- 4.1 cm, mogelijk als gevolg van slijtage. Om de slijtage te verhelpen werden beukenhouten planken met een breedte van 30 cm en een dikte van 2.8 cm gemonteerd. De planken werden met de zijkanten bijeengehouden door een serie liggers die op regelmatige afstanden van 40 cm dwars op de lengterichting van de vlakplanken waren gemonteerd (MiM-22 II, 13)
References
- Seinen, P.A.
Een houten wrak in de Waal bij Dreumel, Deel I. - Seinen, P.A.
Een houten wrak in de Waal bij Dreumel, Deel II.